John Bos, bestuurder van Woonzorg Flevoland deelt hij zijn scherpe visie op ouderenzorg, vergrijzing en de noodzaak van écht anders denken. Geen standaard beleidstaal, maar een pleidooi voor lef, loslaten en leiderschap. Hoe houd je ouderenzorg menselijk én betaalbaar? Waarom moeten we af van de zes-sterren-all-inclusive verwachting? En wat betekent het om medewerkers écht vertrouwen te geven?
Hoe zie jij ondernemerschap terug in je werk?
“Voor mij betekent ondernemen: kansen zien, risico’s durven nemen en vooruitdenken. In Lelystad en Almere hebben we niet te maken met een dubbele, maar een driedubbele vergrijzing: meer ouderen, die ook ouder worden, én ouders die verhuizen naar hun kinderen toe. Dat vraagt van onze kant om lef en aanpassingsvermogen. Dan kun je niet blijven doen wat je altijd deed.”
Je zegt ‘de ouderenzorg is geen zes sterren all-inclusive meer’. Wat bedoel je daarmee?
“We hebben jarenlang het idee gevoed dat als iemand naar het verpleeghuis gaat, alles wordt overgenomen. Maar dat is in deze tijd niet realistisch en ook niet wenselijk. We moeten terug naar de essentie: wat heeft iemand écht nodig om zich goed te voelen? Dat gaat dus niet alleen over zorg. Vaak praat je dan over aandacht, structuur, een gevoel van veiligheid. Of dat iemand gewoon even buiten in de zon wil zitten.”
Dus welzijn boven zorg?
“Precies. Welbevinden moet volgens mij voorop staan. Dat betekent: niet elk pijntje beantwoorden met professionele zorg, maar ruimte geven om het zelf op te lossen, aan mantelzorgers, aan buren. We moeten met z’n allen af van het automatisme dat zorg altijd de oplossing is. Niet elke klacht vraagt om een indicatie.”
Hoe krijg je dat gedachtegoed tussen de oren van je medewerkers?
“Door ze ruimte te geven. Letterlijk. Wij hebben bijvoorbeeld de hiërarchische lagen geschrapt. Daarmee geven we medewerkers vertrouwen om zelf beslissingen te nemen. Als een collega denkt: het is mooi weer, ik neem een paar bewoners mee naar buiten — dan moet dat kunnen. Zonder overleg, zonder toestemming. Mensen zijn zoveel meer dan een handeling of een protocol.”
Klinkt mooi, maar hoe zit het dan met veiligheid?
“Veiligheid zit niet in controle, maar in vertrouwen. Natuurlijk zijn er grenzen. Je gaat niet rommelen met medicatie. Maar voor alles wat daarbuiten valt, moet er ruimte zijn om dingen uit te proberen, om te leren. We werken met volwassen mensen, vaak met vrouwen die thuis het huishouden runnen, mantelzorgen, hypotheken regelen. Vrouwen die van wanten weten dus. Die kunnen prima zelf afwegen wat goed is voor hun cliënt.”
Jullie profileren je als innovatief. Waar zie je die innovatie terug?
“In kleine dingen. Niet per se in technologie, hoewel we die ook inzetten. Maar vooral in creatieve oplossingen die door de collega’s zelf worden aangedragen. Als iemand een idee heeft om dagbesteding anders aan te pakken, dan moet daar ruimte voor zijn. Geen projectplannen, gewoon doen.”
Veel organisaties worstelen met samenwerking tussen zorg en welzijn. Hoe pakken jullie dat aan?
“Ook hier weer: door niet te veel in protocollen te denken. Het gaat niet om: wie doet wat? Het gaat om: wat heeft iemand nodig? En hoe vullen we dat samen in? Of dat nou via de zorg, welzijn of familie gebeurt — als het maar werkt. We hebben net nog met een welzijnsorganisatie in Almere afspraken gemaakt om trainingen en ondersteuning beter op elkaar af te stemmen.”
Als je moet kiezen tussen ‘meer verpleeghuisbedden of scheiden van wonen en zorg’, kies je voor het eerste. Waarom?
“Omdat we een groeiende groep mensen krijgen die écht zwaardere zorg nodig heeft. Daar moeten we eerlijk over zijn. Tegelijk geloof ik in mengvormen. Niet alles hoeft in een klassiek verpleeghuis. Maar zeg nou zelf: als je oud, kwetsbaar en eenzaam bent, wil je dan per se in je eentje thuisblijven?”
Je bent ook een voorstander van grotere organisaties. Wat is daar het voordeel van?
“Professionaliteit. Een grotere schaalgrootte geeft ruimte voor innovatie, voor data-analyse, voor het inzetten van technologie. En het maakt het makkelijker om ondersteunende diensten te organiseren, zodat zorgprofessionals zich kunnen richten op hetgeen waar ze goed in zijn. We moeten af van dat versnipperde landschap met honderden kleine instellingen die allemaal hetzelfde wiel proberen uit te vinden.”
Wat wil je andere bestuurders meegeven?
“Durf over je eigen schaduw te springen. Werk echt samen, niet alleen op papier. We kunnen het ons niet meer veroorloven om langs elkaar heen te blijven werken. Als er in één wijk vier verschillende thuiszorgorganisaties rijden, dan doe je iets niet goed. Dat is ook een pleidooi voor de politiek: laat los! Geef ruimte. Niet alles hoeft dichtgetimmerd te worden in regels, protocollen en financieringsstromen. Laat professionals het werk doen en geef ze het vertrouwen dat ze dat goed doen. Anders blijven we vastzitten in systemen die de werkelijkheid allang hebben ingehaald.”
Hoe verder?
Bij Bureauvijftig begrijpen we dat de dubbele vergrijzing vraagt om slimme en toekomstbestendige oplossingen door de ogen van de nieuwe generatie ouderen. We helpen welzijns- woon- en zorgorganisaties met het ontwikkelen van innovatieve concepten of een passende strategie die helpt om klaar te zijn voor de nieuwe generatie cliënten en hun naasten. Wij denken mee en vooruit en delen inzichten uit onze waardevolle onderzoeken (zoals het Thuis Oud Worden onderzoek, de belangrijkste uitkomsten vind je hier). We geven richting en helpen het concreet te maken. Wil jij met jouw organisatie ook optimaal profiteren van De Grijze Revolutie? Dan komen we graag eens een kop koffie drinken.



